De late excuses van Ruud Lubbers

    0
    467

    Leestijd: 2 minuten.

    Al een jaar of twee voor zijn vertrek riep Ruud Lubbers, de langstzittende premier die Nederland ooit gehad heeft, fractievoorzitter Elco Brinkman uit tot zijn kroonprins. Brinkman moest het CDA gaan leiden en zijn opvolger worden in het Torentje. Maar het duurde niet lang of Lubbers begon hevig te twijfelen of hij wel de juiste keuze had gemaakt. Brinkman leek het politieke gevoel te missen dat voor een Haagse topfunctie onontbeerlijk is. Bovendien tartte de coming man zijn grote voorganger door tijdens een toespraak uit te roepen dat ‘het speelkwartier voorbij’ was.

    Speelkwartier voorbij? Lubbers was op dat moment bijna twaalf jaar premier. Zijn drie kabinetten – eerst met de VVD, later met de PvdA – hadden Nederland uit een diepe economische crisis gehaald. En nu kwam zo’n snotaap, die nog zo goed als niets had laten zien, vertellen dat dat allemaal maar kinderspel was geweest. Dat het echt werk pas onder zíjn leiding zou beginnen.

    Lubbers raakte gepikeerd en begon Brinkman af te branden. Met als dieptepunt zijn aankondiging, vlak voor de Tweede Kamerverkiezingen van mei 1994, dat hij niet op Brinkman zou gaan stemmen, maar op Ernst Hirsch Ballin, de nummer drie op de CDA-lijst.

    Die woorden misten hun effect niet. De christendemocraten, die toch al flink waren geduikeld in de peilingen, leden bij de verkiezingen een enorme nederlaag. 20 zetels gingen verloren en de partij belandde voor jaren in de oppositie.

    In zijn postume memoires staat dat Lubbers spijt heeft van zijn aanval op Brinkman. ‘Achteraf was het fout.’

    Tja. Lubbers is dood en Brinkmans politieke carrière was na die electorale dreun in 1994 meteen voorbij. Hij werd als CDA-leider vervangen door Ennëus Heerma (die overigens ook geen succes was). Tegenwoordig vervult Brinkman nog een politiek bijrolletje als voorzitter van de senaatsfractie van het CDA, maar van een premierschap is nooit meer sprake geweest.

    Niemand schiet dus iets op met de zeer late spijtbetuiging van Lubbers. Die is hooguit historisch nog interessant.

    Hoewel?

    Partijleiders hebben net zo min als wie dan ook het eeuwige leven. Vroeg of laat houden ze ermee op en dan moet er een opvolger worden aangewezen. Aan het eind van deze kabinetsperiode zal dat mogelijk het geval zijn bij VVD, D66 en wie weet nog meer partijen.

    De meeste politieke leiders bemoeien zich graag met het naar voren schuiven van een nieuwe man of vrouw, in de hoop de regie zo lang mogelijk in handen te kunnen houden. De memoires van Lubbers laten zien dat ze dat beter niet kunnen doen. Wie eenmaal heeft aangekondigd ermee te stoppen, doet er verstandig aan zich daarna overal buiten te houden, in elk geval publiekelijk. Anders moet er later weer spijt betuigd worden. Wellicht zelfs over het graf heen.