Hennis houdt eer aan zichzelf

    0
    216

    Leestijd: 1 minuten.

    Jeanine Hennis liet het dinsdag niet aankomen op een motie van wantrouwen. Ze stapte tijdens het debat over de missie in Mali zelf op als minister van Defensie.

    De VVD-politica kon moeilijk anders. Het was haar partijgenoot Han ten Broeke die als eerste spreker de toon zette. Hij sprak over een aaneenschakeling van verwijtbare fouten. Hij hekelde de cultuur binnen Defensie, waar mensen fouten “wegredeneren”in plaats van actie ondernemen om die te herstellen. Bovendien vroeg hij waarom de minister tot vorige week had gewacht met ingrijpen – een operationele pauze bij vredesmissies – tot na het uitkomen van een snoeihard rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid. De minister was immers in juni al op de hoogte van het concept-rapport.

    Kritiek waarbij de hele Tweede Kamer zich aansloot. En het waren vooral Joël Voordewind van de ChristenUnie en Raymond Knops van het CDA die de gebrekkige medische zorg hekelden bij de operatie in Mali. Daarbij werd zelfs de vraag gesteld of de minister de Kamer daarover wel goed geïnformeerd had bij het besluit om aan de vredesmissie deel te nemen. Salima Belhaj van D66 noemde niet alleen het rapport van de Onderzoeksraad, maar wees er ook op dat de Algemene Rekenkamer al jaren waarschuwt voor “roofbouw” op Defensie.

    Door zelf af te treden vóór de tweede termijn van de Kamer voorkwam Hennis dat Kamerleden van de beoogde coalitie (VVD, CDA, D66 en ChristenUnie) zich na ongekend forse kritiek zouden moeten uitspreken over een motie van wantrouwen, die al was aangekondigd door de PVV en het Forum voor Democratie.

    Jeanine Hennis, de nummer 2 van de VVD-lijst, heeft er tot dusver geen geheim van gemaakt dat ze opnieuw minister wil worden. Dat lijkt er niet in te zitten. Nabestaanden van dodelijke ongelukken die plaatsvonden in haar ambtstermijn hebben aangifte gedaan wegens nalatigheid. Een juridische nasleep kan haar nog jaren achtervolgen.