Hoe de PvdA maar in een vlek blijft wrijven

    2
    596

    Leestijd: 2 minuten.

    Een oude politieke wijsheid leert dat je in een vlek niet moet wrijven. Bij het CDA hebben ze die les goed in hun oren geknoopt, zo bleek een paar weken terug. Kamerlid Pieter Omtzigt kwam in opspraak doordat hij een nepgetuige het woord had laten voeren tijdens een bijeenkomst van nabestaanden van MH17-slachtoffers. Omtzigt gaf een korte verklaring uit waarin hij betreurde ‘onzorgvuldig gehandeld’ te hebben en deed er verder het zwijgen toe. Enkele dagen later legde hij zijn MH17-woordvoerderschap na overleg in de fractie neer. Niemand bij het CDA maakte hierna nog een woord vuil aan de affaire en de politieke ophef en de vervelende publiciteit behoorden al heel snel tot het verleden.

    Zo moet dat dus: schuld erkennen, een lichte sanctie accepteren en dan weer moedig voorwaarts. Maar bij de PvdA zit die stelregel niet tussen de oren. De kwestie-Moorlag maakt dat maar weer eens duidelijk.

    William Moorlag, nummer negen op de PvdA-lijst, heeft zich in zijn vorige baan van directeur van een sociale werkplaats bediend van schijnconstructies om personeel in te huren. Dat is niet de mening van een notoire PvdA-hater, maar van de rechter, in een door de vakcentrale FNV aangespannen zaak. En wat deed partijleider Lodewijk Asscher? Hij zei eerst dat Moorlag geen blaam treft, want die heeft de schijnconstructies niet aangewend om zijn zakken te vullen. Toen veel partijleden daar heel wat minder coulant over bleken te denken, vroeg Asscher volgens een krant aan Moorlag om ‘de eer aan zichzelf te houden’ en zijn Kamerlidmaatschap neer te leggen. En nu stemt Asscher in met een door het partijbestuur geïnitieerd onderzoek van PvdA-hotemetoten, die gaan beoordelen of Moorlag nog geloofwaardig kan functioneren.

    Dat onderzoek duurt al gauw een week, dus al die tijd blijft de affaire in de media opspelen. Temeer daar het voor de politieke journalistiek komkommertijd is en er zich de komende dagen dus weinig concurrerend nieuws zal aandienen. De PvdA kan er dan ook van verzekerd zijn dat ‘Moorlaggate’ voorlopig niet uit de schijnwerpers zal verdwijnen. En mocht de PvdA-commissie straks tot de conclusie komen dat het Kamerlid weg moet – iets anders lijkt nauwelijks voorstelbaar – dan is het nog bang afwachten of Moorlag zich niet afsplitst en een eigen fractie begint.

    Wat had Asscher beter kunnen doen? Om te beginnen had hij natuurlijk meteen scherp afstand moeten nemen van iemand die door de rechter is veroordeeld voor het hanteren van schijnconstructies. Als minister in de vorige kabinetsperiode trok Asscher voortdurend fel ten strijde tegen dergelijke foefjes om de wet te omzeilen. Hoe kun je dan nu zeggen dat het allemaal niet zo erg is, zolang je er zelf maar geen financieel profijt van hebt gehad?

    Zou Moorlag zich niet onmiddellijk bij deze uitbrander van zijn partijleider hebben neergelegd en nederig zijn excuses hebben aangeboden, dan had Asscher hem uit de fractie moeten zetten. Hij had dan het risico gelopen dat Moorlag zijn Kamerzetel zou meenemen. Maar dat risico loopt hij nu net zo goed. Het verschil is dat de vlek door krachtig wrijven zo groot zal zijn geworden dat ze geen enkele kiezer nog kan ontgaan.

    2 REACTIES

    1. Omtzigt is een enkeling met een enkelvoudig foutje, meer in de PR-sfeer. De zaak met de PvdA is veel complexer dat is het verschil. En ja natuurlijk, dhr Moorlag bekent geen schuld…
      Het CDA en Pieter kon met schuldbekenning en afstand nemen van slechts een dossier de zaak afdoen. Daar was iedereen het mee eens. Bij de PvdA is het geen dossier maar een verkiezingspunt van de landelijke top waarmee ze de verkiezingen ingaat als strijdpunt tegen sjoemelende bedrijven die de CAO’s ondergraven van (als het even kan) het hele Nederlandse volk.
      Maar wat blijkt – de plaatselijke PvdA doet het zelf als zij zelf een (sociaal) bedrijf leidt…
      En dat kan natuurlijk niet…
      Nu wordt het een moralistische spagaat omdat het gemeentelijke PvdA-kader toch vindt dat het maar ‘moet’ kunnen. Achter dhr. Moorlag staat een ‘plaatselijke’ PvdA structuur die geen schuld of spijt erkent of toont maar zich juist gerechtvaardigd voelt de wet te overtreden omdat “het niet uit winstoogmerk” is. Pikant: daarmee gaat ze dus feitelijk op de stoel van de rechter zitten…
      Dat schept voorwaar – juridisch uniek – een vervelend en zelfs een gevaarlijk precedent.
      Want stelt u zich eens voor dat het overtreden van de wet niet crimineel is of zelfs “gedoogwaardig” wordt bevonden als het niet om “winst” zou gaan. Dan is er toch sprake van een hellend juridisch vlak… Van bestuurlijke ongehoorzaamheid op gemeentelijk niveau t.o.v. de landelijke rechtelijke macht. Van een – heel vriendelijk uitgedrukt – moralistische onevenwichtigheid?
      De rechtelijke en bestuurlijke macht zijn toch gescheiden?
      Het probleem komt voort uit de verwarring en vermenging van psychische rechtsvaardigheids‘gevoel’ enerzijds en een feitelijke juridische constructie anderzijds, twee verschillende ‘rechtelijke machten’, die van het gevoel en bestuurlijke werkelijkheid.
      Het is psychologisch te verklaren omdat simpel gezegd nationale top niet ingreep maar het gedoogde – de baas vind het goed, dus wat deed ik nu fout? Dat is ook de aard van het conflict bij de PvdA intern. Ze zijn allemaal fout geweest daarin zit het venijn.
      Vandaar dat Asscher (bestuurlijk) nog probeerde tactisch de ‘hand boven het hoofd te houden’ van Moorlag in de hoop: het waait wel over. Maar dan reageert de jongerenafdeling van de PvdA en gooit zij als derde roet in het eten. Na de vakbond en de rechter…
      Dit is een bestuurlijke, psychische en moralistisch crime geworden – complex – maar dat even ter zijde. Denkt u zich eens in, juridisch gezien, mag en kan de PvdA op gemeenteniveau creatief de wet overtreden als er geen sprake is van winstbejag? Als u en zij dat vindt, waar ligt dan de grens? Mogen alle organisaties die niet uit winstbejag opereren dat ook? Het antwoord is niet zo complex als de PvdA ongenoegen doet suggereren. Het is nee. De rechter heeft gesproken, daar moet zij zich bij neerleggen. Het is juridisch verboden. Geen gemaar. Klaar.
      U en ik moeten ons ook aan de wet houden.

    Comments are closed.