Leve de saaie politiek of dr. Pangloss in de polder

    1
    324

    Leestijd: 3 minuten.

    Je hoort wel eens verzuchten dat de polderpolitiek slaapverwekkend saai is. Afgezien van de  vraag of dit wel helemaal klopt, kan je alleen maar zeggen: god zij dank. Laten we de meestal anonieme zwoegers op het Binnenhof op onze blote knieën danken voor hun kleurloosheid. Er gaat niets boven politiek op kamertemperatuur.

    Wie daar nog van overtuigd moet worden, hoeft maar naar Londen en Washington te kijken. Daar is het elke dag bal. In de VS zit een president die al twitterend op weg is naar de totale chaos. En in Londen moeten de Britten het stellen met een premier die puur uit ambitie en cynisme bereid is zijn land van de krijtrotsen te gooien. Wel goeie kopij en geweldige stof voor toekomstige Netflix-series, daar niet van.

    De Britten krijgen het trouwens dubbeldik voor de kiezen. Ze hebben niet alleen een rampzalige premier maar ook een minstens zo rampzalige oppositieleider. Deze extreem-linkse socialist leeft nog in de jaren 70 van de vorige eeuw, inclusief het tot mislukken gedoemde beleid uit die jaren. Dat verklaart ook dat de oppositieleider in de polls ver achter de premier ligt. Ondanks diens krankjorume beleid. Hun aanhangers volgen blind hun leiders maar voor de rest is het kiezen tussen de pest en de cholera. Met de pest kennelijk net een tikje minder erg dan de cholera.

    In de VS hebben de vrije tijds-zieleknijpers naar aanleiding van de laatste fratsen van de president weer de nodige diagnoses gesteld over zijn geestelijke gezondheid. Aan de hand van het officiële kwalifikatiesysteem voor psychische stoornissen (DSM-5) kwam een auteur tot de slotsom dat de president een narcist en sociopaat is. Eindconclusie: in het gekkenhuis ipv het Witte Huis. Nu maar hopen dat de kiezers volgend jaar dat oordeel delen. Maar reken er niet op.

    Daarbij vergeleken heerst in de polder de opperste harmonie. We hebben natuurlijk ook onze mafkezen. Ze veroorzaken van tijd tot tijd enige rimpelingen in de Hofvijver die dan door de opgewonden spraakmakers even worden uitvergroot tot een tsunami. Dat ebt dan vrij snel weer weg omdat de mafkezen steeds weer aan zelfdestructie blijken te lijden. Op de golven van het succes, we houden het maritieme beeld nog even vast, gaan ze al gauw kopje onder. Ruzies en egotripperij voorkomen steeds weer dat ze een poot aan de grond krijgen.

    Intussen polderen het kabinet en samenleving gestaag verder aan de oplossing van de problemen. Dat gaat natuurlijk niet altijd goed. Dat is ook niet mogelijk. Maar het gaat over het algemeen redelijk bekwaam en redelijk integer. De bewindslieden zijn meestal goede middelmaat met een enkele uitschieter naar beneden en boven. Dat is in het laatste geval de minister-president. Hij is als geen ander de belichaming van onze politieke cultuur. De regelneef van de polder, de padvinder van het compromis, al moet hij daar soms via sluipwegen en geitenpaadjes naar toe klauteren.

    Dat is natuurlijk niet zonder gevaar. Zelfgenoegzaamheid ligt hier altijd op de loer. Plus soms de neiging on de wereld te vertellen dat ze het net zo moeten doen als wij, het gidslandsyndroom. Meestal luistert de wereld niet maar daar laten we ons niet door ontmoedigen. Per slot van rekening hebben we het gelijk op zak.

    En ondanks alle reuring op de sociale media en soms bij de oeverloze talkshows, kabbelt het allemaal relatief rustig verder. We slaan elkaar niet de hersens in, steken de boel niet in de fik, trekken niet plunderend door de binnenstad en zetten een klomp en nepkaas op het hoofd als Oranje speelt.

    In zijn satire Candide steekt de 18-eeuwse Franse filosoof Voltaire de draak met de figuur dr. Pangloss. Pangloss gelooft dat dit de beste van alle mogelijke werelden is. Er gebeuren om hem heen de verschrikkelijkste dingen maar Pangloss blijft bij zijn geloof. Als hij nu in de polder zou leven, zou hij vast zeggen: zie je wel.

     

    1 REACTIE

    1. Polderen en compromissen sluiten behoort tot de traditie en politieke cultuur van Nederland. Wie zich bezorgd maakt over onze Nederlandse identiteit behoeft slechts naar de praktijk van politiek bedrijven te kijken in Nederland. Al vanaf de zeventiende eeuw zijn we zo bezig. Ellenlange vergaderingen en pappen en nathouden. Een mooi voorbeeld is ook de pacificatie in 1917. Katholieken, protestant-christelijken, socialisten en liberalen zagen allen een deel van hun wensen vervuld. Ieder het zijne. En Nederland verzuilde verder. Bikkelharde acties worden zowel van links noch rechts geduld. We zijn een handelsnatie en met tolerantie en meebuigen houden we zo onze koopmansgeest in stand. Saai maar wel effectief.

    LAAT EEN REACTIE ACHTER (maximaal 200 woorden per reactie)

    Please enter your comment!
    Please enter your name here