Moet de Kamer een afspiegeling zijn van de bevolking?

    5
    502

    Leestijd: 2 minuten.

    De Tweede Kamer is geen goede afspiegeling van de samenleving, want er zitten vrijwel uitsluitend hoogopgeleiden in. Geen wonder dat veel Nederlanders zich niet vertegenwoordigd voelen door ‘de politiek’. Zij zijn zelf immers in meerderheid laagopgeleid. Dat betoogt de staatscommissie-Remkes, die in opdracht van het kabinet het parlementair stelsel onderzoekt.

    Hoe de commissie het probleem denkt op te lossen, is nog niet duidelijk, want haar aanbevelingen komen pas over een jaar. Ook de vraag hoeveel laagopgeleiden er in de Kamer moeten om een verantwoord evenwicht te bereiken, moet de commissie nog beantwoorden. Dient dat aantal exact te corresponderen met de bevolkingssamenstelling? Dan hebben we nog een flinke inhaalslag te maken.

    Een andere, ook niet oninteressante vraag is of Nederland beter bestuurd zal worden als de Kamer voor een groot deel bestaat uit personen die alleen een vmbo- of mbo-opleiding hebben voltooid. Je kunt zelfs betwijfelen of de tevredenheid bij de bevolking zal toenemen als de gemiddelde volksvertegenwoordiger over hetzelfde kennisniveau beschikt als de doorsnee kiezer.

    Is het door de commissie-Remkes bepleite evenwicht eigenlijk wel zo gewenst? Kun je het landsbestuur niet het beste in handen leggen van degenen die daar door kennis en bekwaamheid het meest geschikt voor zijn? Het Nederlands elftal vertegenwoordigt ook het hele land, maar de voetballers vormen qua achtergrond en scholing bepaald geen verantwoorde afspiegeling van de bevolking. Dat geldt ook voor tandartsen, metselaars, straaljagerpiloten, loodgieters, hoogleraren Sanskriet en noem maar op. Waarom zou regeren niet gewoon een vak zijn?

    Dezelfde misvatting zie je bij de voorstanders van het referendum, namelijk de gedachte dat iedereen overal maar verstand van heeft. Niemand zal denken dat elke willekeurige voorbijganger even goed een medische diagnose kan stellen als een arts. Maar over ingewikkelde problemen als de nationale financiën, de toekomst van het pensioenstelsel, het Europees associatieverdrag met de Oekraïne of het milieubeleid wordt iedere stemgerechtigde  verondersteld kennis van zaken te bezitten.

    De kern van de vertegenwoordigende democratie zoals die in Nederland al zo’n 170 jaar functioneert, lijkt me dat je een afgevaardigde kiest die je voldoende deskundig en betrouwbaar acht om namens jou het land te regeren. Maakt hij (of zij) er een potje van, dan kies je de volgende keer iemand anders. Ideaal is dat systeem niet, maar als iedereen zich voortdurend met de besluitvorming mag bemoeien, wordt het resultaat er doorgaans niet beter op. En de waardering bij de kiezer zal er hoogstwaarschijnlijk ook niet door stijgen.

    5 REACTIES

    1. In de praktijk heeft iedereen de kans om in de politiek tegaan.
      Je kunt al vroeg beginnen als ondersteuner, en zo doorstromen naar een van de raadsfracties.
      En dan begint het spel, wie voldoet en de juiste ingangen weet te vinden in de partij heeft ‘n kans om door te stromen.
      Sociale behendigheid is een verreiste plus een goede opleiding en bij dat alles komen verbaal begaafden dan mogelijk in aanmerking voor een hogere positie.
      Het blijft de vraag of een kunsthistoricus of een filosoof een goede minster zal zijn.
      Wat je ook hebt gestudeerd je kunt niet alles weten.
      Voor zover ik weet is bijna de helft van de bevolking hoog tot middelbaar opgeleid. Dus met het gemiddelde kennis niveau valt het in ons land wel mee. Bovendien heeft niet iedereen gelijke kansen.

    2. “De kern van de vertegenwoordigende democratie zoals die in Nederland al zo’n 170 jaar functioneert, lijkt me dat je een afgevaardigde kiest die je voldoende deskundig en betrouwbaar acht om namens jou het land te regeren. Maakt hij (of zij) er een potje van, dan kies je de volgende keer iemand anders.”
      Dit vind ik wel een beetje karig. Volgens mij stemmen mensen niet in de eerste plaats op iemand op basis van zijn/haar mate van deskundigheid als wel op basis van de politieke denkbeelden die hij/zij uitdraagt. Verkiezingen zijn niet zomaar een wisseling van de wacht; zij gaan over welke politieke richting het land in moet slaan.

      • @Tycho Snelder,
        Mee eens. Echter, als we de verkiezingen van 2012 in ogenschouw nemen waar de campagne draaide om rechts of links uit de regering te houden, kregen we rechts en links…
        “De politieke richting,” verdween compleet.
        Wellicht had een referendumsysteem wat meer orde in de chaos kunnen scheppen. Dan was in ieder geval telkens een meerderheid van de bevolking met het gekozen beleid eens.
        Als je als voorbeeld neemt, dat de grondwet en de federalisatie van de EU zowel door Nederlandse als de Franse bevolking in meerderheid afgewezen werd en ondanks dat volksoordeel ‘onze’ volksvertegenwoordiging toch – via een slinkse omweg dan maar – die federalisering grotendeels overnam in het Verdrag van Lissabon, zet ik toch grote vraagtekens bij het huidige systeem.
        Het gaat hier wezenlijk om planmatige overdracht van soevereiniteit van je eigen land aan een nieuw te vormen mogendheid. Een superstaat, gewenst door het establishment maar niet door het volk van twee landen. Je kan je de ernstige vraag stellen: waar ligt in deze de loyaliteit van de politiek?
        Deze dames en heren die de volkswil en soevereiniteit van een land naast zich neer leggen en ‘weggeven’ mogen dan wel deskundig zijn maar hoe zit het met een ander net zo belangrijk gegeven, de betrouwbaarheid? Waar ligt de loyaliteit?
        Bij het bedrijfsleven en banken (het grote geld) – die hen niet kiest – of andere politieke machten (belangen van andere landen) – die hen ook niet kiezen – of bij de politieke machtsuitbreiding (de EU en zichzelf als politieke macht)?
        Het is zo kenmerkend dat juist bij de verkiezingen het thema Europa bijkans doodgezwegen wordt om daarna volop te gaan onderhandelen om weer meer soevereiniteit over te dragen aan de EU. Dit volgens de akkoorden, het Verdrag van Lissabon, dat juist niet gewenst was door een meerderheid van het volk. Ik vind dit stuitend. De soevereiniteit van een land gaat ons allen aan, niet een kleine groep mensen. Dit moet referendabel zijn. Zeker als de loyaliteit van de politiek pas in de laatste plaats ligt bij het volk dat hen eens in de vier jaar kiezen mag.
        Soevereiniteitsoverdracht is een zaak van groot belang en treft allen die in dat land wonen.
        Dit zijn toch geen zaken die je voor de verkiezingen verzwijgt en na de verkiezingen regelt?

    3. Artsen stellen dan wel een diagnose en voeren eventueel een operatie uit, maar de daadwerkelijke medische beslissing of die operatie wel of niet moet worden gedaan, moet nog altijd door de patient zelf worden genomen. Hij/zij is immers ook degene die met de gevolgen zit als het mis gaat! Ook al hebben niet alle Nederlandes evenveel verstand van nationale financiën, de toekomst van het pensioenstelsel, het Europees associatieverdrag, etc; het zijn wel dingen waar we allemaal de gevolgen van ondervinden. Dus hoort de beslissing ook thuis het volk. Net als bij de medische beslissing hierboven. Als niet alle Nederlanders evengoed snappen waar het over gaat, kan de politiek dat dan niet beter uitleggen? uitleggen (doceren) is toch net als politiek een vak? Een vak waar wij geschikte kandidaten voor kiezen? Daarom vind ik het een nogal discriminerende opmerking om te stellen dat het referendum moet worden afgeschaft omdat sommige Nederlanders ‘te dom’ zouden zijn om te snappen waar het om gaat. Zou het ook eens zo zijn dat de meeste Nederlanders heel goed begrijpen waar het om te doen is met het associatieverdrag? en het daar gewoon niet mee eens zijn? Dat is democratie…

      • Goed punt. maar het belangrijkste wat je nodig hebt om de politiek in te gaan is politieke interesse. Als je geen interesse hebt in biologie wordt je geen dokter en als je geen interesse hebt in architectuur word je geen architect. Ik vind dat iedereen die geïnteresseerd is in politiek een kans zou moeten krijgen om de politiek in te gaan. Maar kijk naar Jesse Klaver. Hij begon met VMBO en hij is nu partijleider van de grootste partij op links. Dus ik denk dat het niet zoveel ligt aan het opleidingsniveau, maar aan het interesseniveau.

    Comments are closed.