Sprong in het diepe

    0
    167

    Leestijd: 2 minuten.

    Het leek een formaliteit, Groot-Brittannië riep “artikel 50” in, het officiële verzoek om uit de EU te treden. We wisten dat het kwam, Londen had het aangekondigd, Brussel wist dat het kwam, en toch is het nu formeel, er is geen weg terug.  De Britse premier Theresa May kon niet anders dan de wens van de meerderheid van de burgers honoreren, anders hoef je immers geen referendum te houden nietwaar?

    Het Britse pond dook meteen omlaag, immers, de klok gaat nu lopen. De Britten hebben nu twee jaar de tijd om te onderhandelen over de boedelscheiding. De EU denkt meteen al een rekening van 60 miljard te kunnen presenteren, het Britse bedrijfsleven kan het niet schelen wat het kost als er maar nieuwe handelsakkoorden komen zodat de verdienmachine niet stil valt.

    Premier May benadrukte dat de Britten afscheid willen nemen van de EU, niet van Europa. Ze wil een nieuwe relatie, vrijhandelsakkoorden en als dat allemaal een beetje voorspoedig gaat zijn de Britten niet te beroerd om hun militaire apparaat en kennis op het gebied van terreurbestrijding beschikbaar te houden voor Europa. Een mooi aanbod denkt May in een onzekere wereld.

    In Brussel was men minder blij, naast gezichtsverlies gaat er jaarlijks 13 miljard bijdrage verdwijnen. En als het allemaal lukt, staat de deur open voor meer spijtoptanten.

    Ondertussen klinken in Londen juichtonen, “eindelijk vrij, baas is eigen huis en controle over onze eigen grenzen.” Jippie, dat klinkt allemaal mooi maar dan moet de economie wel blijven draaien. Aan vrijheid, zelfbeschikkingsrecht en dichte grenzen heb je weinig als je op een houtje moet bijten, er weinig meer te beslissen valt en zelfs immigranten het voor gezien houden bij gebrek aan “opportunities”.

    Nu zal de soep niet zo heet worden gegeten, de Britten kunnen terugvallen op hun Commonwealth en de relatie met de VS. Maar toch, de handel met de EU is van vitaal belang en als bedrijven de benen nemen naar het vasteland ontstaat er echt een probleem. May heeft de brief nu gestuurd en meteen haar lot daaraan verbonden. Gaat het mis is zij de zondebok. Het is de vraag of twee jaar voldoende is om alle ingewikkelde juridische, politieke, economische en ambtelijke vraagstukken naar tevredenheid uit de onderhandelen.

    Twee jaar is lang, alles staat of valt nu met de vraag of de Britse economie die onzekerheid aan kan. Naarmate de deadline nadert kan de schade groter worden, hoeveel bedrijven vestigen zich op het vasteland, hoeveel bedrijven komen niet meer naar het Verenigd Koninkrijk en kiezen direct voor een vestiging op het vasteland. Hoe gaat het gedaalde pond uitwerken op de importprijzen en dus op de prijzen in de supermarkt en hoe ontwikkelt zich de Britse werkloosheid?

    Nu nog moeilijk te beoordelen, maar de antwoorden zijn de komende twee jaar cruciaal. Blijft de Britse economie op stoom dankzij invloeden van buiten de EU dan zullen de onderhandelaars van May zich sterk voelen en een dikke vinger opsteken naar de eisen van de EU. Zakt de boel in elkaar is het denkbaar dat May het veld moet ruimen er en een nieuwe beweging op gang komt om het Verenigd Koninkrijk in de EU te houden. Het spel is op de wagen en het is het interessantste experiment sinds de oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal.