Vraagtekens achter samenwerking

    0
    116

    Leestijd: 2 minuten.

    De versplintering in de Nederlandse politiek is ongekend groot. Bovendien lijkt de partij die voorop gaat in de peilingen niet bereid tot compromissen, en kan die daarnaast niet rekenen op samenwerken met andere partijen. Velen maken zich zorgen over de regeerbaarheid van dit land. Als de voortekenen niet bedriegen zijn na de verkiezingen minstens vijf partijen nodig om tot een meerderheid te komen om een regering te vormen.

    Daar staat tegenover dat we nu voor het eerst sinds 1998 een kabinet hebben dat de eindstreep lijkt te halen. Het kabinet Rutte 2 regeert eigenlijk als een minderheidskabinet, doordat het geen meerderheid achter zich heeft in de Eerste Kamer. De zogeheten middenpartijen stelden zich steeds op als wat genoemd werd “constructieve oppositie”. Ze waren bereid om met Rutte te
    onderhandelen over hoofdpunten van het beleid. Hulde aan D66, GroenLinks en ChristenUnie. Als deze partijen inzetten op samenwerking na de verkiezingen zou het toch nog goed kunnen komen met de regeerbaarheid van het land.

    Maar nu zet Gert-Jan Segers, de lijsttrekker van de ChristenUnie, letterlijk een groot vraagteken achter samenwerking met het GroenLinks van Jesse Klaver, die openlijk flirt met christelijke partijen om ze in het linkse kamp te lokken. Zo zou er zelfs een links progressief meerderheidskabinet kunnen ontstaan. Gert-Jan Segers tempert dat optimisme. Hij heeft, zo schrijft de leider van de ChristenUnie in Trouw, het gevoel dat GroenLinks de klok honderd jaar terug wil zetten.

    Het congres van GroenLinks legt een bom onder de vrijheid van onderwijs door een nieuwe vorm van financiering van scholen te bepleiten. Harder kun je een christelijke partij moeilijk tegen de schenen schoppen.

    Het was Jesse Klaver die samenwerking met de ChristenUnie bepleitte, maar het waren de leden van GroenLinks die zich tijdens het congres uitspraken over het onderwijs. In Nederland zijn het niet de congressen die onderhandelen over samenwerking, maar de politieke kopstukken. Gert-Jan Segers plaatst niet zo maar een groot vraagteken achter de toekomstige samenwerking.

    Deze soep wordt niet zo heet gegeten als die wordt opgediend. Als een politicus bereidheid tot samenwerking uitspreekt, leidt dat tot ongemak bij de achterban. Gaat de partij niet de beginselen verkwanselen ? En dus doet Gert-Jan Segers wat een echte politicus moet doen. Hij stelt zijn aanhang gerust met harde taal, niet alleen over bijzonder onderwijs, maar ook over het legaliseren
    van drugs of de basisbeurs voor studenten.

    Maar over die laatste onderwerpen is dus wel te praten met de
    ChristenUnie. Gert-Jan Segers hoeft zich niet echt zorgen te maken over het bijzonder onderwijs zoals dat in ons land al honderd jaar bestaat. Zoals anderen zich geen zorgen zullen maken over het linkse progressieve meerderheidskabinet, waar Jesse Klaver van droomt.