VVD en PVV beide 1 zetel omhoog

    0
    1614

    Leestijd: 3 minuten.

    In een nieuwe peiling van Kantar Public (voorheen TNS NIPO) stijgen de VVD en de PVV beide 1 zetel. Zie alle verschuivingen onderin dit artikel.

    Dit schrijven de onderzoekers over de peiling:

    “In de nieuwste zetelpeiling blijft het speelveld ten opzichte van de vorige meting grotendeels intact. De PVV haalt 18,0 procent (omgerekend 28 zetels), de VVD volgt met 15,5 procent (omgerekend 25 zetels). Achter de PVV en VVD zien we (nog altijd) een grote groep van middelgrote partijen: D66 staat op 19 virtuele zetels, het CDA op 18 en GroenLinks op 16. Daarachter volgen de SP en PvdA (11) en 50 Plus (9).

    Bij de kleinere partijen zien we dat de Partij voor de Dieren nu op 3 zetels zou mogen rekenen en dat DENK[1] nog steeds op (ruim) één virtuele zetel komt. Forum voor Democratie, VNL en de Piratenpartij komen te kort voor een zetel. Datzelfde geldt voor Nieuwe Wegen, GeenPeil, de Burger Beweging en de Ondernemerspartij.

    Nog altijd vooral ‘zekere’ kiezers bij PVV, D66 heeft meeste groeipotentie
    Uiteraard zweven nog zeer veel kiezers – afhankelijk van de definitie die men hanteert. Slechts 22 procent van de ondervraagden (vorige week: 18 procent is naar eigen zeggen volledig geland – hier vertaald als: geeft op een schaal van 0 (geen enkele stem) tot 10 (alle stemmen) het volledige aantal punten (10).

    Kijken we met een vergrootglas naar de meest overtuigde stemmers, dan zien we dat de PVV percentueel het meeste van dit soort kiezers herbergt (7 procent van alle ondervraagden, op afstand gevolgd door de VVD (4 procent). Een week geleden betrof dat respectievelijk 6 procent en 3 procent).

    Qua potentie heeft D66 onverminderd de beste vooruitzichten om ‘omhoog’ te kijken: de sociaal liberalen krijgen aanmerkelijk vaker één of meer punten dan drie weken geleden (nu 27 procent, was 20 procent). Geen enkele andere partij komt met een dergelijk hoge ‘potentie’ in de buurt. Dat blijkt ook uit het feit dat D66 de favoriete tweede keuze is (10 procent), voor GroenLinks (8 procent), VVD, CDA, PvdA en SP (alle 7 procent).

    Veelzeggend: geen enkele lijsttrekker scoort op dit moment een volle zes. Van alle lijsttrekkers krijgt Jesse Klaver gemiddeld de hoogste waardering (5,9), gevolgd door Segers en Pechtold (5,6). Rutte volgt met een 5,5 – vergelijkbaar met Buma (5,4) en Asscher (5,4). Geert Wilders scoort een 4,0 – aanmerkelijk lager dan medio januari (4,6).

    Wel geeft nog altijd 3 procent van de mensen hem een tien en 31 procent een één – waarmee hij qua waardering met afstand de meest extreme lijsttrekker is. Wat de ‘meest geschikte’ premier van de Nederlanders betreft verandert er evenmin veel: Rutte wordt het vaakst genoemd (21 procent), gevolgd door Pechtold (12 procent) en Wilders (10 procent).

    Ondanks de geringe verschuivingen in virtuele zetels zien we nog het nodige switchverkeer
    – zelfs als we naar vorige week kijken. Ten opzichte van vorige week gaat dit switchgedrag echter niet duidelijk één kant op.

    Zo zien we enkele ‘typen’ switchers terug: onder andere de grote twijfelaar, de volger van de
    kieswijzers, de tegenstemmer, de inhoudelijke kiezer/ belangenbehartiger, en de kersverse kiezer:

    ‘Sociaal en voor Nederland. Maar misschien wissel ik nog. Stem hoe dan ook!’ (stemde in 2012 PvdA, gaf vorige week aan SP te stemmen, nu PVV)

    ‘Na uitvoerige vergelijkingen via stemwijzer en kieskompas ben ik tot de conclusie gekomen dat de C.U beter past bij mijn opvattingen’ (stemde in 2012 CDA, wist het vorige week nog niet, zou nu ChristenUnie stemmen)

    ‘De nummer één van de stemwijzer. Sluit ook aan bij mijn ideologie’ (stemde in 2012 PvdA, geeft nu aan Partij voor de Dieren te stemmen)

    ‘Moet de Kieswijzer of Stemwijzer nog invullen’ (stemde in 2012 VVD, weet het nog niet)

    ‘Hoe dan ook de PVV dwarsbomen!’ (stemde in 2012 PvdA, zou nu GroenLinks stemmen)
    ‘Ik kan niet onder de voeten uit met alle partijen. Ik ga dwarsliggen en kies de PVV’ (stemde in 2012 niet, zou nu PVV stemmen)

    ‘Ik heb een gezin met 2 kinderen, mijn vrouw en ik werken beiden. Daarom denk ik dat de VVD het beste bij mijn situatie aansluit’ (stemde in 2012 PvdA, wist het vorige week nog niet, zou nu VVD stemmen)

    ‘De elitepartijen laten de ouderen in de steek’ (stemde in 2012 VVD, zou nu 50PLUS stemmen)

    ‘Programma staat me aan en de PvdA heeft tot op heden uiteindelijk goede dingen gedaan en de rug recht gehouden’ (stemde in 2012 PvdA, gaf vorige week aan GroenLinks te stemmen, zou nu PvdA stemmen)

    ‘Ik las op FB de uitslag van een onderzoek naar werkgelegenheid, en bij de SP zou deze het hardst stijgen’ (stemde in 2012 SP, twijfelde vorige week, zou nu SP stemmen)

    ‘Nederland is geen plaats voor moslims omdat ze antidemocratisch zijn en sharia boven alles verkiezen’ (in 2012 te jong om te stemmen, zou nu PVV stemmen)

    ‘Ik was in 2012 nog geen 18, maar tegengeluid is nodig’ (in 2012 te jong om te stemmen, zou nu DENK stemmen)”