De waakhond van de democratie verliest zijn tanden

    0
    156

    Leestijd: 2 minuten.

    De regeringspartijen VVD en PvdA willen dat het kabinet 17 miljoen euro extra uittrekt voor regionale omroepen. Die krijgen dan meer financiële armslag om samen te werken. Goed bedoeld natuurlijk, maar je kunt je afvragen of het veel zal helpen. Regionale omroepen hebben het heel moeilijk, en dat geldt in feite voor alle media.

    Voor de politiek is dat een slechte zaak. Media vormen doorgaans de enige manier waarop burgers kennis kunnen nemen van politieke besluitvorming. Kamerdebatten en raadsvergaderingen zijn weliswaar vaak via internet te volgen, maar wie neemt de moeite dat ook te doen? Bovendien gaan die debatten over ingewikkelde kwesties, die zonder wat duiding niet te begrijpen zijn voor niet-ingewijden. Dat de afgevaardigden een ondoorgrondelijke boeventaal hanteren is ook al niet bevorderlijk.

    Enkele tientallen jaren geleden had vrijwel elke stad van betekenis in Nederland zijn eigen krant. Daarnaast was er een ruim aantal landelijke kranten, die over honderdduizenden abonnees beschikten. De komst van het internet heeft in het medialandschap dood en verderf gezaaid. Wie een beetje op de hoogte wil blijven van het laatste nieuws kan op tal van websites terecht. Een krant heeft hij strikt genomen niet meer nodig. Krantenabonnementen werden dan ook massaal opgezegd, waardoor in recordtijd heel veel kranten zijn verdwenen.

    Websites zijn meestal gratis, waardoor bij de consument de indruk is ontstaan dat nieuws ook gratis is. Dat is niet het geval. Journalisten kunnen, net zomin als beoefenaren van welk beroep dan ook, van de wind leven. Als steeds minder mensen willen betalen voor nieuws, betekent dat er steeds minder geld is om journalisten aan het werk te zetten. Vrijwel alle mediaorganisaties moeten dan ook voortdurend bezuinigen op hun personeelsbestand.

    Dit treft vooral de regionale media. Zaten vroeger de perstribunes bij gemeenteraadsvergaderingen vol verslaggevers, tegenwoordig schijnen veel raadzalen niet eens meer speciale zitplaatsen te hebben voor journalisten. Ze komen toch niet.

    Op het Binnenhof valt dat nog mee, maar ook daar moet met minder mankracht worden gewerkt. Bovendien beginnen de media steeds meer op elkaar te lijken. Ze hollen allemaal achter dezelfde incidenten aan. Op hun websites verschijnen identieke, of vrijwel identieke berichten. Door personeelsgebrek gedwongen kakelt iedereen elkaar na.

    Journalisten noemen zich graag de “waakhonden van de democratie” en de “luis in de pels van de macht”. Dat mag dan nogal pathetisch klinken, een functie hebben de media zeker. Als de waakhond van de democratie zijn tanden verliest, is er voor de politiek dus reden tot bezorgdheid. Een extra subsidietje voor de regionale omroepen biedt niet de oplossing. Nog los van het bedrag: media dienen bij voorkeur onafhankelijk te zijn van de overheid, anders klinkt al snel het verwijt van “staatsomroep”. De meeste media worden dan ook commercieel uitgebaat. Helaas met steeds minder succes.

    Bekijk hier het volledige overzicht van alle peilingen

    Volg Frontbencher op twitter

    Like Frontbencher op Facebook