Waarom de pers geen politicus van het jaar kiest

    2
    573

    Leestijd: 2 minuten.

    In het verleden kozen de leden van de Parlementaire Pers Vereniging (PPV) in deze donkere decemberdagen altijd de politicus van het jaar. Vorig jaar ging dit festijn echter niet door en ook dit jaar komt het er niet van. Er is te weinig animo, meldt de PPV. Het is zelfs maar de vraag of de verkiezingen ooit nog gehouden zullen worden.

    Hoe komt dat toch? We hebben ook de sportman/vrouw van het jaar, de secretaresse van het jaar en zelfs het woord van het jaar. Dan moet er toch ook een politicus van het jaar te vinden zijn?

    Laten we de mogelijkheden eens op een rijtje zetten. Welke politicus leverde in 2017 zulke opvallende prestaties dat hij/zij de hoogste eer waardig genoemd mag worden?

    Een voor de hand liggende kandidaat is VVD-leider Mark Rutte. Zijn partij kreeg bij de Tweede Kamerverkiezingen in maart opnieuw afgetekend de meeste zetels en Rutte slaagde er voor de derde opeenvolgende keer in premier te worden. Zou het kabinet de rit uitzitten, dan schaart hij zich onder de langst zittende premiers die Nederland heeft gekend.

    Rutte dus politicus van het jaar?

    Mwah. De VVD bleef onder zijn leiding dan weliswaar de grootste partij, maar ze moest wel bijna een vijfde inleveren van wat ze had. En inmiddels staat ze ook alweer op een flink verlies in de peilingen. Bovendien: als je op de sociale media mag afgaan, is ‘teflon-Mark’ zo’n beetje de meest gehate man van Nederland. Kun je zo iemand tot politicus van het jaar uitroepen? Lijkt mij niet.

    Wie dan? Jesse Klaver, die GroenLinks op 15 maart naar de procentueel grootste verkiezingswinst leidde (van 4 naar 14 zetels)? De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het sindsdien vrij stilletjes is geworden rond de Jessias. In Kamerdebatten wordt hij keer op keer weggespeeld door PvdA-leider Lodewijk Asscher, die nota bene 5 zetels minder heeft, en ook elders zie je hem nauwelijks. Soms lijkt het wel of Klaver aan een diepe winterslaap is begonnen. Hem tot politicus van het jaar kronen zou een tikkeltje overdreven zijn.

    Thierry Baudet misschien, die bij de Kamerverkiezingen weliswaar slechts 2 zeteltjes won, maar die dat aantal virtueel al minstens heeft verzesvoudigd? Baudet is op dit moment zeker de man in opkomst, maar zal hij die positie weten vast te houden? Virtuele winst zegt niet altijd alles. In 2008 stond Rita Verdonk met haar Trots op Nederland rond de 30 zetels in de peilingen, maar bij de echte verkiezingen van 2010 haalde ze er geen één. Baudet kreeg, zoals Frontbencher geheel correct voorspeld had, al de titel politicus van het jaar in het tv-programma Eenvandaag. Laat hij met deze troostprijs voorlopig maar genoegen nemen.

    Maar wie dan? CDA-pitbull Pieter Omtzigt? Die raakte onlangs zo in opspraak dat hij zijn MH17-portefeuille moest neerleggen. Eurogroepvoorzitter Jeroen Dijsselbloem wellicht? Iemand die vaandelvlucht en kiezersbedrog pleegt door zijn Kamerzetel op te geven, mag daar wat mij betreft niet voor beloond worden. Kamervoorzitter Khadija Arib? Haar voornaamste verdienste is toch wel dat ze er, in tegenstelling tot haar voorgangster Anouchka van Miltenburg, geen potje van maakt. Haar als de beste bestempelen zou een beetje een zwaktebod zijn.

    Nee, geschikte gegadigden voor politicus van het jaar liggen bepaald niet voor het opscheppen. De parlementaire journalisten hadden wel een punt toen zij besloten de verkiezing voor gezien te houden.

    2 REACTIES

    Comments are closed.