Winkelen moet topsport worden

    1
    289

    Leestijd: 1 minuten.

    Nu het Centraal Planbureau ons somber stemt met doemscenario’s over ’s lands economie, is het hoog tijd voor een opbeurend geluid. Je hoeft ten slotte geen econoom te zijn om te weten dat we met ons allen de put in gaan, als we onszelf de put in praten.

    Alle reden dus om het van de zonnige kant te bezien. Eten moeten we allemaal en de supermarkten doen goede zaken. Alleen moeten we er vandaag de dag met een karretje voor de deur op gepaste afstand van elkaar op onze beurt wachten. Bij de staalblauwe hemel van vandaag is dat geen probleem, maar, geloof me, dat wordt binnen een week anders.

    En het kan anders. De wachttijden worden korter, als de klanten in de winkel een beetje opschieten. Natuurlijk kan de overheid hen daar in een vrij land als Nederland niet toe dwingen, maar stimuleren kan natuurlijk wel. Winkelen moet een sport worden: SNELwinkelen. De snelle klanten kunnen een bonus tegemoet zien, en er moeten kampioenschappen komen.

    De coronacrisis rekent af met het oude winkelen. Het wordt topsport, met reportages die ons de Olympische Spelen doen vergeten. Met spannende interviews vooraf. “Ik heb er alles voor gedaan, en alles voor gelaten. Ik heb vier keer het parcours verkend en ga anders dan de concurrenten niet via de wasmiddelen, maar rechtstreeks naar de kazen en de wijnen.”

    “Het record staat op 168 euro aan boodschappen binnen 10 seconden, het zal niet meevallen dat te breken?”

    “Mijn grootste zorg is dat mijn nieuw ontwikkelde gympen niet door de schoencontrole komen. Als dat lukt, heb ik er alle vertrouwen in.”

    “Succes, en….eh…sla als het ff kan het pleepapier over.

     

     

    1 REACTIE

    1. Helemaal verkeerd. Ik ga juist heel langzaam winkelen en iedereen laat ik voorbij gaan met een vriendelijke knipoog en zo word ik kampioen: vriendelijke klant. .

    Comments are closed.