Wint Theresa May dankzij jihadis?

0
249

Leestijd: 3 minuten.

Het cynisme scheert dicht langs de grens van de betamelijkheid, niettemin er is veel voor te zeggen: als de Britse premier Theresa May (Conservatieve Partij, de Tory’s) de verkiezingen wint, zal zij dat voor een groot deel te danken hebben aan de recente terreuraanslagen in Londen en Manchester.


Toen ze een kleine twee maanden geleden de verkiezingen uit schreef, leek ze af te stevenen op een aardverschuivende overwinning. Volgens sommige polls hadden de Conservatieven een voorsprong van rond de 20 procent op de Labourpartij van Jeremy Corbyn. May zou in het Lagerhuis zou wel eens een meerderheid van minstens 50 tot 60 zetels (nu 17) kunnen binnenslepen. Die grote meerderheid zou haar positie versterken in de onderhandelingen met de EU over Brexit. Dat was de inzet van de verkiezingen, aldus de premier. Met een fors ruimer mandaat kon ze in Brussel harder met de vuist op tafel slaan.

May leek alle troefkaarten in handen te hebben. Ze profileerde zich als “sterk en stabiel’’, de enige kandidaat bij wie het landsbestuur en de Brexit in veilige handen is. Corbyn daarentegen zeulde het imago mee van een zwak, extreem-links, pacifistisch warhoofd dat zelfs door het overgrote merendeel van zijn fractiegenoten in het lagerhuis niet serieus wordt genomen. Zijn hele politieke loopbaan had hij oppositie gevoerd, voornamelijk tegen de eigen partijtop. Niet iemand, kortom, die je de sleutel van Downingstreet 10 zou geven. Labour-parlementariërs die enige kans op (her)verkiezing wilden maken, meden elke associatie met hun leider. Je kon nog beter samen met Magere Hein campagne voeren. Gelopen koers, vonden ook de bookmakers.

Maar zie: May’s campagne zal de boeken ingaan als een van de zwakste in de recente geschiedenis. Ze bleek geen politiek natuurtalent. Omgang met de kiezers ging haar slecht af. Ze was houterig, afstandelijk, empathisch als een robot (vandaar haar bijnaam Maybot). In tv-interviews met een paar grootmeesters in het genre, – ze wilde niet in debat met Corbyn – was geen sprake van een soepel en souvereign optreden. Algemene indruk: ze hield zich staande, krampachtig en met grote moeite. Ze verknalde de presentatie van het verkiezingsprogramma door binnen een paar uur een paar keer van standpunt te veranderen. Ze was niet sterk en stabiel, zoals een Britse journalist opmerkte, maar “weifelmoedig en wankel”.

Corbyn deed het veel beter dan verwacht. Toegegeven, die verwachtingen begonnen iets boven punt nul maar hij bleek een verrassend goede campaigner, liet zich in de grote interviews niet in de hoek zetten en wist zich te presenteren als een aimabele baas die met iedereen het beste voor heeft. Labour kwam ook nog met een voor veel kiezers aantrekkelijk programma. Het was een grabbelton met louter prijzen die betaald zouden worden door de “rijken”. Economen mochten hun twijfels uitspreken over de haalbaarheid, net als over dat van de Tory’s trouwens, dat deed nu even niet ter zake. Corbyn had een snaar weten te raken bij kiezers die het jarenlange, snoeiharde bezuinigingsbeleid van de Conservatieven meer dan beu zijn.

Heel snel bleef van May’s voorsprong niet veel meer over dan een paar procentpunten en vorige week zou Corbyn volgens een peiling zijn achterstand nagenoeg hebben ingelopen. Paniek bij May en de Tory’s. Niks ruime meerderheid. Ze mocht al blij zijn als ze het huidige aantal zetels, 330, zou weten te behouden.

Toen kwamen de aanslagen. Bij de eerste, ruim twee weken geleden in Manchester met 22 doden (vooral kinderen), leek het er aanvankelijk niet op dat de terreur zijn bloedige stempel op de verkiezingen zou drukken. De campagne werd even opgeschort, er werd een paar dagen meegeleefd en vervolgens sukkelde men verder. De verwachting dat May ervan zou profiteren, als oud-minister van Binnenlandse Zaken en dus binnenlandse veiligheid kwam vooralsnog niet uit. Althans, niet in de peilingen.

De aanslag in Londen, acht doden, bleek het kantelpunt. Het, tweede bloedbad binnen twee weken veranderde de dynamiek van de campagne. De islamistische terreur verdrong Brexit definitief als thema nummer een. Het bood May de kans om zich toch nog als “sterk en stabiel” te presenteren. Ze leek zelfs weer iets aan statuur te winnen. Ze hield een geharnaste toespraak, “genoeg is genoeg”, en kondigde harde maatregelen aan tegen de jihadistische terroristen. Corbyn werd weer ingehaald door zijn ook recente verleden. De Labour-leider had in zijn activistische tijd warme betrekkingen onderhouden met de Ierse terreurbeweging IRA, de Palestijnse Hamas en de Libanese Hezbollah. Dat beroofde zijn pleidooien voor gematigdheid bij veel kiezers van hun overtuigingskracht.

May zal de verkiezingen vermoedelijk wel winnen en toch is de kans groot dat ze de grote verliezer wordt. Ze moet hoe dan ook fors meer dan het huidige aantal zetels winnen. Anders lopen haar reputatie en dus gezag onherstelbare schade op.